“De onsterfelijkheid van kunst” heeft één van mijn leerlingen als antwoord gegeven. Wat zouden jullie hiermee doen? Mijn eerste ingeving zou zijn om het fout te rekenen omdat het te algemeen is (kunst in het algemeen in plaats van het werk van Ador), maar het element dat het werk dan vereeuwigd is zit er wel in.
“Een reden is dat zijn kunstwerken dan voor eeuwig leven” heeft een ander geantwoord. Dit zou ik dan juist weer goed willen rekenen, omdat het element van vereeuwigen er wel in zit. Wat zeggen jullie?
Alle antwoorden met het vereeuwigen van foto’s heb ik ook fout gerekend. Het gaat immers om zijn kunst en niet om de foto’s ervan.